vrijdag 21 september 2018

Slik!

 Ik ga het niet kopiëren. Ik kon het zonder omzeilen van de betaalmuur lezen en eigenlijk zou ik er dit blog mee kunnen afsluiten:

"Even dood: leven na een hartstilstand" (Fokke Obbema, VK, 21-09-2018)

 https://labs.volkskrant.nl/demo/even-dood/#/

 Wat de man aan zijn eigen lijf heeft ondervonden met alle geestelijke verwarring vandien, is bij mij verdeeld over mijn eigen hartaanval (volgens mij was het geen stilstand, ben tenslotte bij bewustzijn gebleven) en de dood van Yoland, zeer ws agv een hartstilstand of anders herseninfarct.

 Nog wel even een paar smaakmakers:

 "Nooit gerookt, een matig drinker, geen overgewicht, dagelijks gezond eten en enkele keren per week sporten – wat kon mij gebeuren?"

 "Hoe dan ook, voor het cardiologisch team, ‘tien man sterk’ werd me gemeld, was de remedie duidelijk, na twee weken onderzoek en observatie. Met drie stents, een soort plastic buisjes met een gezamenlijke lengte van 4,5 centimeter, zou de kransslagader op de kwetsbaarste plek voortaan permanent worden opengehouden. Levenslang medicijngebruik van bloedverdunners en cholesterolverlagers zou de kans op recidive minimaliseren. Over dat risico moest ik niet inzitten: ‘Na deze ingreep loopt de gemiddelde Nederlander meer gevaar dan u. Bij u is het van een onbekend naar een bekend risico gegaan en u wordt er ook nog voor behandeld’, legde een cardioloog enthousiast uit."

 "De jonge OLVG-cardioloog bij wie ik op controle kwam, legde ik mijn bevindingen voor. Ze haalde haar schouders op: ‘Stress? Ik weet het niet. Ik hou het in uw geval toch vooral op pech.’ Pech? Dat kon toch niet waar zijn: bijna dood door pech? Ik voelde me niet serieus genomen. Op een tuinfeestje aan een van de grachten schokte een bevriende specialist me met dezelfde conclusie. ‘Stress is gelul’, stelde hij genuanceerd. ‘Het heeft te maken met jouw fysiek – wij mensen verschillen vanbinnen net zo veel als vanbuiten. Het is pure pech, waardoor het bij jou mis is gegaan.’"

 "Per ommegaande kreeg ik een sms terug, waarin hij uitlegde dat we onze angst te sterven ‘doorgaans afweren met de dagelijkse routine en de vertrouwde rituelen en structuur van het eigen huis en vaste bezigheden’. Valt die weg, zoals op vakantie, dan zijn ‘zware nachten vol angst’ niet ongebruikelijk, wist hij als psychiater. ‘Net als bij weeën kun je erbij denken: deze wee komt nooit meer terug. Rouwen heet niet voor niets Trauerarbeit.’"

 "Die bespiegeling hielp mij, toen ik in december een heftige nachtmerrie had. Plots zat ik rechtop, zwetend, en greep naar mijn razend kloppende hart. ‘Het is weer helemaal mis’, schoot het door me heen. Het duurde even voordat ik begreep dat 112 bellen ditmaal niet aan de orde was – de schrik kwam niet door fysiek falen, maar door angstbeelden. Het duurde bijna een week, voordat ik ervan was bekomen."

"Minder controle over mijn bestaan dan ik zou willen – ik ervoer het heel concreet, maar het geldt voor ons allen. Tastend in het duister bewegen we ons voort, terwijl we doen alsof ons pad helder wordt verlicht. Voor een wezenlijk onderdeel van ons bestaan schermen we ons zoveel mogelijk af – ik heb het over de dood. Bij voorkeur denken we niet aan haar, alsof ons bestaan eeuwig voortduurt."

Geen opmerkingen:

Een reactie posten