woensdag 7 maart 2012

Voorjaar

Zon
Beloften
Erbarmen
Verdwaalde kou

Geurig licht
Kleurige tonen
Smaakvol gevoel

Alles in paren
Vergaren

dinsdag 6 maart 2012

Leven


 Openstaan voor en over de volle breedte van het leven is een behoorlijk verwarrende bezigheid en naar mijn idee maar weinigen gegeven. Het leven, zelfs dat van alle dag zou tropisch kunnen sprankelen als de meesten zich niet op of af zouden sluiten in hun eigen, tot hun angsten en zelfopgelegde beperkingen ingekrompen versie. Jammer is het, dat ze hun kunne en begripsvermogen vrijwillig inleveren voor een veilig en overzichtelijk bestaan.

 Voor paarden uitgevonden in de tijd dat de vervoersmiddelen de biologische paardenkrachten ontgroeiden, legt men tegenwoordig als mens vaak vrijwillig de oogkleppen aan. Het is zondermeer een probaat middel om de hoeveelheid indrukken, die op je afkomen te beperken en ongewenste onrust te voorkomen. Maar wat bij het trekpaard nodig was om het dier zonder kleerscheuren terug op het thuishonk te krijgen, werkt bij de mens vooral camouflerend naar z'n eigenbeeld. Om met het trekpaard te spreken, wenst men het beeld van die bijzondere Volbloed niet verstoort te zien door bemoeienissen uit de brutale buitenwereld.

  Nu was een Homo Universalis een paar eeuwen geleden al een uitzondering en is -zeker in de Westerse Wereld- de veelheid aan facetten waaruit het leven bestaat nauwelijks nog te bevatten. Je hoeft echter niet in alles een genie te zijn om een zinnige bijdrage aan het geheel te leveren ipv de werkelijkheid te ontvluchten. "Ken je beperkingen" is heel iets anders dan jezelf beperken!

 Stilletjes, noem het stiekem, hoop ik, dat de manier, waarop ik me in het leven opstel, alle deuren openhoudt voor wat op vele niveau's om me heen gebeurt en uit alle denkbare richtingen op me afkomt. Steeds weer opzoek naar reactie, directe of indirecte reactie van die Anderen, die niet de door mij gebaande paden volgen.

maandag 5 maart 2012

De Ander

 De avond was al een eind gevorderd, toen ze de voordeur openduwde. Ondanks de aangename warmte binnen kwam haar een kilte toegemoet kwam. Ze sloot de deur met omzichtheid. Die verplichte achterdocht was ze al jaren niet meer gewend. Alles hier had meerdere sloten. Het had wel iets als je huisdeuren of een auto gewoon onafgesloten achter kon laten.

 Ze had in het huis een kamer maar verder was er niemand. De hoofdbewoonster vertoefde ergens in het buitenland en wist niet precies wanneer ze terug zou komen. Jacqueline kon de plek voor een paar maanden gebruiken, een uitvalsbasis in haar zoektocht naar een nieuwe levensplek in de haar vertrouwde stad. Dat het Utrecht zou worden, als ze terug zou keren naar Nederland, was zo ongeveer het enige waar ze niet over had getwijfeld. Een terugkeer naar haar geboortestreek had ze kort overwogen. Ze had het er steeds naar haar zin, als ze weereens bij familie op bezoek ging, maar een verblijf voor langere tijd, het idee er een nieuw leven op te bouwen benauwde haar. Ook Amsterdam was een mogelijke kandidaat geweest maar hier wogen de positieve punten en een jarenlang verblijf niet op tegen haar angst voor anonimiteit en verlatenheid.

 Voorlopig had ze zich voorgenomen om de winterperioden in Nederland te verblijven. Ze vond het zelf een bizarre keuze. De winter was nooit haar favoriete jaargetijde geweest. Waar het kon was ze 's winters de stad ontlopen, liefs naar verre tropische oorden. Nu hoopte ze haar leed te halveren door het met anderen, lot- cq stadsgenoten te delen. Met anderen, ja ‘die anderen’ had ze gemist in haar nieuwe leefomgeving. Ze verlangde naar de vanzelfsprekendheid, waarmee mensen elkaar in een stad tegenkomen en opzoeken. Ze wilde dynamiek, genoot ervan maar vond die sprankelende frisheid van het moment nooit als ze iets in haar eentje deed.

 ’s Zomers verliep het aardig. Altijd mensen om je heen. Interesse, gezelligheid aan tafel, nieuwsgierige kinderen en volop activiteiten in de omliggende dorpen. Maar ’s winters was alleen hij er. Henk had niet zo’n problemen met alleen zijn en kon helemaal opgaan in zijn bezigheden, alsof de wereld niet meer bestond en zij ook niet. Zij voelde zich dan alleen en verlaten. Dan verlangde ze terug naar andere tijden. Maar sinds ze terug was in de stad, had ze de aansluiting met vroeger nog niet gevonden en vroeg ze zich af of het verleden niet verloren was gegaan.

 Haar avonden hier verbracht ze meestal alleen, echt alleen. Zonder honden, zonder katten en ook zonder de afwezige aanwezigheid van Henk. Na het enthousiasme, waarmee het verleden haar in de eerste weken van haar terugkeer had ontvangen, was het stil geworden. Het idee weer achter iedereen aan te moeten gaan, maakte haar niet enthousiast. Ze zat nu niet op het Franse platteland. Was niet overgeleverd aan het gezelschap van grassprieten en reeën. Nee, nu zat ze in een dorpse metropool en moest het doen met gesloten deuren.

zondag 4 maart 2012

Baren

 Oefening baart kunst. En voor iedere kunstje moet je oefenen. Er zijn kunsten, waar je je qua oefening helemaal in het zweet moet werken, voordat van een bruikbaar resultaat sprake is. Er zijn kunsten, die je je ogenschijnlijk vanzelf eigen maakt maar ook kunsten waarvan de vaardigheden je ongewild opgedrongen worden. En er zijn vast nog andere kunsten.

 Die oefening en het eruit volgende kunststukje interesseren me niet zo. Het is het baren wat me bezighoudt. Baren is dè kunst die oefening vereist. Baren doe je zelden uit vrije wil, maar meestal lucht het ernorm op. Hoewel de kunst ogenschijnlijk aan vrouwen voorbehouden lijkt, baar je als man heel wat af. Baren is een kwestie van (ge)tijden. Het golft af en aan. Ze zijn woelig die baren. Het treitert en bevrijdt.

 De kunst, die ik onlangs zeer tot mijn leedwezen met minimale oefening heb mogen baren, bestrijkt terreinen, die wat mij betreft onontgonnen hadden mogen blijven. Maar dat is zo'n gebaar van het baren, naar je voorkeur vergeet het te vragen. Nu is de vraag of ik voldoende geoefend heb cq. het kunstwerk heb voltooid of me nog op menig gekreun en gesteun mag verheugen. Het idee baart me zorgen.

zaterdag 3 maart 2012

Alles

 Het onzalige van alles willen hebben, al verder kijken naar het volgende voordat het vorige genoten is, nooit genieten van een gevulde buik maar direct weer die zorgen om de dag van morgen, altijd gluren naar de kersen van de buren en de ander benijden om het mooiere groen van het gras. Ontevredenheid is net als luiheid een van de grotere krachten achter de vaart waarmee het mensenvolk voorwaarts schiet in z'n bestaan. Maar dan wel graag met de goede kant van de medaille in het zicht.

 Als het voortjagen naar tevredenheid tot doel op zich verwordt zonder dat de behoefte bestaat die tevredenheid ooit te bereiken, sterker nog, het stadium van tevredenheid steeds weer verder voor je uit te schuiven, die lat steeds weer opnieuw buiten je bereik te plaatsen, voordat je er überhaupt ooit bij bent geweest of van het bereiken hebt genoten, zit je jezelf aardig in de weg.

 Het doet me denken aan een stripje van lang, lang geleden. Iets van Gouda's Glorie of zo over een stel, een vis en een omgekeerde Keulse pot die als hun woonstede fungeerde. De vis vervulde hun wensen als dank voor de vrijheid, die hij terugkreeg na gevangen te zijn. Op aandringen van de vrouw ging het manneke steeds weer terug met een nieuw verzoek. De Keulse pot werd een huisje, een villa, een kasteel. De vis werd het een beetje zat en op een dag, na het overbrengen van het zoveelste verzoek, kwam de man thuis en trof een huilende vrouw aan op een krukje voor hun oude Keulse pot .....

 Het is een onzalige weg, die ik me stomgenoeg ook ooit heb laten opdringen, omdat ik me niet kon voorstellen, dat iemand nooit tevreden kon zijn met wat ze allemaal bereikt had in haar leven. Maar het kan en ik heb het de afgelopen jaren vaker om me heen gezien, die onmogelijkheid om water bij de wijn te doen en toch steeds meer, liefst alles te willen. Nu is dat water in die wijn ook erg zonde als het letterlijk gebeurd, maar in overdrachtelijke zin is het een weldaad, de smeerolie voor een soepel bestaan. Niet dat domme streven naar die laatste paar procenten extra of blind vasthouden aan wat je je ooit ergens in een in nevelen gehuld verleden hebt voorgenomen. Het zijn vreemd genoeg vaak mensen die hun mond vol hebben van "accepteren" en "los laten" ... maar ja, hoe was het ook weer? Het slechtste leidingenwerk treft je bij de loodgieter thuis, toch??

vrijdag 2 maart 2012

Baggeren


(06-12-2001) Terwijl heel Nederland bijkomt van pakjesavond zijn wij vanochtend gewapend met diverse scheppen richting het strandje getogen. Al twee jaar hebben we last van een drassig stuk net voorbij het strandje. Het stuk is zo nat, dat een wandeling om het meer alleen vanwege dat stukje niet te doen is zonder laarzen. De vorige eigenaren hebben al eens wat platen neer gelegd maar dat is natuurlijk geen oplossing.

 De feitelijke oorzaak ligt in de wei van onze boer. Koeien zijn tamelijk lompe beesten die weinig waarde hechten aan het in stand houden van een beekje. Met hun poten vertrappen ze werkelijk alles waardoor het water gewoon geen duidelijk afvoergeul meer heeft en steeds verder uitwaaiert. Het gevolg is het bekende drassige deel aan onze kant van de omheining dat bovendien steeds breder wordt. De oplossing hadden we vorig jaar al bedacht, maar nu is het er van gekomen: een geul graven aan onze kant.

 Het weer is uitstekend voor dergelijke klussen. Droog en absoluut niet koud. Tijdens onze bezigheden brak de zon zelfs door. Een blijk van tevredenheid?? Wij hebben lekker staan ploeteren met de laarzen 20 tot 30 centimeter in water, modder en moerassige rommel voornamelijk bestaand uit bladeren. Het was twee dagen werk. Twee korte winterdagen wel te verstaan, maar het resultaat mag er zijn. Het water stroomt dat het een lieve lust is.

 Natuurlijk is nu niet direct alles naast het geultje hartstikke droog. Het water moet wegzakken en zeer waarschijnlijk moeten we het geultje nog zeker een spade verder uitdiepen, maar we hebben goede hoop dat het een mooi droog en bewandelbaar paadje gaat worden.

donderdag 1 maart 2012

Rust

 Een welverdiende pas op de plaats. Hoewel links en rechts wat kraakt en piept en ook bepaalde bewegingen al eens soepeler zijn verlopen, is de eerste serieuze lichaamsbeweging in 2012 zonder kleerscheuren doorstaan. Na drie dagen pogen de grenzen van mijn conditie te bereiken, laat ik me vandaag verzorgen door mijn Franse ouders. Na tweemaal de uitnodiging in het midden gelaten te hebben, ben ik bij de laatste reebout door de knieën gegaan.

 Ik moet bekennen, ik aarzelde. De kok gaat ergens de komende weken onder het mes. Voor hen een reden mij uit te nodigen, voor mij een reden om terughoudend te zijn. Gisèlle klaagt met enige regelmaat over haar knieën en vooral heupen maar blijft vrolijk doorlopen. En ... ach, dat koken is geen enkel probleem. Zo groot is de keuken niet, dus dat lopen valt wel mee. Wat moet je dan? Precies, straks om kwart voor twaalf is het weer raak en I love it!

 Wel ff ergens bloemen scoren en de Champagne niet vergeten.